
Hoofdstuk 1 Video met naam Major Types of E-commerce over de diverse soorten van E-commerce, zoals besproken in het hoofdstuk.

Hoofdstuk 1 Video met naam Major Types of E-commerce over de diverse soorten van E-commerce, zoals besproken in het hoofdstuk.

De populariteit van Net Promoter Scores (NPS) is niet meer te missen en bijna elke organisatie meet wel haar NPS. Maar de standaarden van de NPS passen niet per definitie bij elke cultuur; over het algemeen scoren bedrijven in Europa bijvoorbeeld een lagere NPS dan bedrijven in Amerika. Waarom?
Het heeft vooral te maken met de ‘scoring nature’ van verschillende landen en culturen. Wanneer Amerikanen worden gevraagd om iets te beoordelen op een schaal van 0 tot 10, geven ze veel eerder extremere antwoorden in vergelijking met Europeanen. Dit zit diepgeworteld in hun cultuur. Van Amerikaanse kinderen wordt bijvoorbeeld verwacht dat ze alle A’s (=10) krijgen op de middelbare school. In Europa kunnen leerlingen haast nooit een 10 krijgen en dit is dan ook geen verwachting. We zijn eerder trots op een 8 en vinden tegenwoordig ‘een 6 ook een voldoende’ (oftewel: de zesjescultuur).
Daarnaast zien we bij surveys waar de vraag wordt gesteld: ‘Wat kunnen we doen voor een 9 of een 10?’ antwoorden volgen als: ‘Niets, ik vind jullie service prima!’ of ‘Ik ben nog maar net klant en kan nog geen 10 geven’. Er was dus niks mis met het contactmoment of het proces, maar een 10 geven is simpelweg iets heel ‘groots’ om te doen in onze cultuur en gebeurt alleen in extreme gevallen.
In Nederland zijn we dus onder andere gewend dat een 8 gewoonweg ‘goed’ betekent. Een prima cijfer om te geven en dit zou dan ook een prima cijfer moeten zijn om te ontvangen. Maar is een 8 als antwoord op de NPS-vraag dan ook echt goed genoeg? Stichting KIRC onderzocht dit met data. De NPS is bedoeld om je een indicatie te geven of een klant een herhalingsaankoop zal doen, op basis van de stelling: als ze je zouden aanbevelen aan anderen zullen zij zelf ook loyaal aan je blijven. Volgens het onderzoek van KIRC, wat zij presenteerde op het KSF jaarcongres op 20 november 2018, zit er weinig tot geen verschil in het aantal herhalingsaankopen tussen klanten die je een 8 geven of een 9 of een 10.
Dit betekent dat je klanten die je een 8 geven ook kunt beschouwen als loyaal. Maar de bekende maatstaaf NPS geeft echter aan dat een 8 een passive is en je pas vanaf een 9 of een 10 promoter zal zijn.
Er bestaat dan ook een Europese NPS voor onze ‘kritische’ en ‘nuchtere’ culturen, waarbij 8, 9 en 10 worden gezien als promoter en 6 en 7 als passive (immers is een 6 gewoon een voldoende). Op deze manier past de maatstaaf veel beter bij de cultuur van Europeanen en verkrijg je ook inzichten die hier beter bij passen.
Via Insocial.nl

Klantverwachtingen verschuiven in rap tempo. Klanten hebben steeds hogere verwachtingen van organisaties. Veel organisaties vinden het lastig om in te spelen en mee te groeien met deze ontwikkelingen. Daarom heeft Loyalty Rockstars nu als eerste een gratis online Loyalty Quick Scan ontwikkeld, die organisaties een duidelijk beeld geeft van de status van hun loyalty of crm programma. En tips geeft dit naar een next level te tillen.

De uitverkoop biedt vooral mogelijkheden voor webshops die mannen als doelgroep hebben om extra omzet te verkrijgen. Tijdens de sale zijn het namelijk niet de vrouwen, maar vooral de mannelijke consumenten die in koopjesjagers veranderen. Meer dan een vijfde van hen (21%) zegt tijdens een sale elke dag te kijken naar de afgeprijsde items, tegenover 10 procent van de vrouwen. Dit blijkt uit de Emotional Shopping Index van Klarna, leverancier van betaaloplossingen voor webshops, in een onderzoek naar shopgedrag onder 1000 Nederlandse consumenten.
Wanneer er een korting of aanbieding beschikbaar is, zegt 62 procent van de Nederlandse shoppers sneller een spontane aankoop te doen. De uitverkoop maakt daarbij emoties los: 67 procent van de Nederlanders wordt blijer van een goedkope aankoop uit de sale, dan van een duur item waar lang voor is gespaard. De favoriete categorie voor mannelijke shoppers is kleding en accessoires, 32 procent van hen geeft dit aan. Twee op de vijf mannen zegt het belangrijk te vinden dat de aankoop gemakkelijk geretourneerd kan worden en checkt daarom het retourbeleid voordat zij een bestelling plaatsen.

Het aantal Nederlanders dat in 2018 online een product of dienst heeft gekocht, is het afgelopen jaar licht gestegen. Dat blijkt uit cijfers van het CBS. In 2018 kocht 78 procent van de Nederlanders wel eens iets online, tegen 76 procent een jaar eerder. Onder 65-plussers groeide het aantal mensen dat online een product of dienst aanschafte het hardst. Ook de frequentie en waarde stegen bij online aankopen.
Bijna vier op de vijf Nederlanders van 12 jaar of ouder – ongeveer 11,5 miljoen mensen – heeft in 2018 online producten of diensten gekocht. Een groei van 2 procentpunten vergeleken met vorig jaar. Zes jaar geleden, in 2012, lag het percentage nog op 64 procent. Vooral 65-plussers hebben zich in toenemende mate op het online shoppen geworpen. Bij hen steeg het percentage van 25 in 2012 naar 45 in 2018.

Online aankopen doen via je smartphone is inmiddels net zo normaal als fysiek winkelen, concludeert MasterCard uit een onderzoek in Nederland en andere Europese landen. Zeven op de tien (70%) van de Nederlandse consumenten gebruikt een smartphone om aankopen te doen, en meer dan een kwart (26%) doet dit vaak of zelfs altijd.
Vier op de tien Europeanen doen minstens één keer per week online mobiele aankopen, in Nederland is dit aantal drie op de tien.

Nederlanders kijken vooral via hun tv naar online content. Het Netflix-effect? Meer gebrows via de tv? 40 procent heeft een aangesloten smart tv, 11 procent een Chromecast en 13 procent geeft aan via een set-top-box van de eigen tv-provider online content te kijken. Dat blijkt uit cijfers van het Telecompaper Consumer Insights-panel uit oktober 2018.
In totaal kan 71 procent van de Nederlanders al via de tv kijken naar bijvoorbeeld streaming video. Dat is een verhoging ten opzichte van de 68 procent uit eenzelfde meting een jaar eerder. In 2011 ging het nog om 30 procent van de Nederlanders. In 2015 was dat aantal al iets meer verdubbeld naar 61 procent.

De Recycle Sint wordt in het Handboek E-commerce in hoofdstuk 3 als boegbeeld van de duurzame P’s uit de groene E-commerce strategie genoemd:
Waarom elk jaar alles nieuw kopen als je ook kunt ruilen? Recycle Sint wil zoveel mogelijk speelgoed een tweede leven geven op de speelgoedruilmarkt. Het is dé manier om het Sinterklaasfeest duurzaam en voordelig te vieren.
Recycle Sint is de initiatiefnemer van de speelgoedruilmarkt. Deze markt vindt dit jaar alweer voor de tweede keer plaats, op verschillende locaties in het land. Ook jij kunt heel gemakkelijk zo’n markt organiseren. Interesse? > Hoe het werkt < Recycle Sint helpt je graag op weg!
Liever langskomen bij een Recycle Sint speelgoedruilmarkt in de buurt? Bekijk dan hier waar deze wordt georganiseerd.

Gebruikers kunnen ook in Nederland producten via Google Assistent en Home bij webwinkels gaan kopen. De spraakhulp is uitgerust met een Transactions-optie.

Het internet is een onlosmakelijk onderdeel van ons dagelijkse bestaan geworden. Waar je echter 35 jaren geleden alleen via een logge computer toegang tot het wereldwijde web kon krijgen, ben je tegenwoordig een stuk mobieler. Nederlanders zijn dan ook steeds vaker online via hun smartphone. Het aantal uren dat ze per maand aan internet besteden op de telefoon is van 40 uren in 2016 naar 61 uren in 2018 gestegen. Het grootste deel van deze uren worden besteed aan Facebook en Google: 26 uren. Opvallend is ook dat bijna 80 procent van de Nederlanders wel eens bewust offline gaat.